Bericht delen

Andere berichten

Andere Categorieën

Over de schrijver

Zakgeld voor een kind van 10 jaar: dit is een reëel bedrag

Inhoudsopgave

Voor een kind van 10 jaar ligt een reëel zakgeld tussen de € 2,30 en € 2,80 per week. Dat zijn de richtlijnen van het Nibud, het onafhankelijke nationaal instituut voor budgetvoorlichting. Het is geen verplicht bedrag, maar het geeft je een goed vertrekpunt als je niet weet waar je moet beginnen.

De bandbreedte bestaat niet voor niets. Wat je uiteindelijk kiest, hangt af van wat je kind zelf moet betalen van dat zakgeld en hoeveel er financieel mogelijk is in jouw gezin. Dat maakt het persoonlijk, maar de Nibud-richtlijn voorkomt dat je te ver onder of boven het gemiddelde zit.

Wat koop een kind van 10 jaar van zijn zakgeld?

Op deze leeftijd gaat zakgeld vaak op aan kleine aankopen: een pakje kauwgom, een sticker, een ijsje na school of iets bij de kiosk. Sommige kinderen sparen het liever op voor iets groters, zoals een boek, een spel of een accessoire voor hun hobby. Zakgeld leren beheren is op tienjarige leeftijd al heel zinvol: het kind ervaart zelf wat het betekent als het geld op is.

Bespreek van tevoren goed waarvoor het zakgeld bedoeld is. Moet je kind er ook snoep van kopen, schoolspullen of iets anders? Hoe duidelijker de afspraak, hoe makkelijker het is om het bedrag eerlijk in te schatten.

Zakgeld 10 jaar vergeleken met andere leeftijden

Ter vergelijking: het Nibud hanteert voor kinderen rond deze leeftijd de volgende weekbedragen.

Leeftijd Zakgeld per week (richtlijn Nibud)
8 jaar € 1,90 tot € 2,80
9 jaar € 2,30 tot € 2,90
10 jaar € 2,30 tot € 2,80
11 jaar € 2,30 tot € 3,50

Opvallend: de bovengrens voor een tienjarige (€ 2,80) ligt iets lager dan die voor een achtjarige (ook € 2,80) en duidelijk lager dan die voor een elfjarige (€ 3,50). Dat klinkt misschien vreemd, maar de richtlijnen zijn gebaseerd op wat kinderen in die leeftijdsfase gemiddeld zelf uitgeven en wat passend is bij hun behoeften op dat moment.

Wekelijks of maandelijks uitbetalen?

Op de leeftijd van 10 jaar is wekelijks uitbetalen het meest gebruikelijk. Een week is voor een kind van deze leeftijd een overzichtelijke periode: je ziet snel genoeg of je te snel hebt uitgegeven. Maandelijks uitbetalen kan ook, maar vraagt al iets meer financieel inzicht. Als je wilt oefenen met langer plannen, is een maandelijks bedrag van rond de € 10 tot € 12 (omgerekend vanuit het weekbedrag) een logische stap.

Praktische tips bij het bepalen van het bedrag

  • Gebruik de Nibud-richtlijn als startpunt, niet als plafond of minimum. Past het gezinsbudget een lager bedrag, dan is dat prima zolang het duidelijk is waarvoor het bedoeld is.
  • Verhoog het zakgeld niet zomaar als een kind erom vraagt. Koppel een verhoging aan een nieuwe verantwoordelijkheid of aan het bereiken van de volgende leeftijd.
  • Spreek af dat je kind bij verlies of snel opmaken niet altijd bijgesprongen wordt. Dat is juist het leermoment.
  • Geef het zakgeld op een vaste dag, zodat het een routine wordt.

Een bedrag van € 2,30 tot € 2,80 per week is voor de meeste gezinnen haalbaar en sluit aan bij wat leeftijdsgenoten gemiddeld krijgen. Begin met het middenbedrag, kijk hoe je kind ermee omgaat, en pas het eventueel aan als er duidelijke redenen voor zijn.