Een kind kost je naar schatting tussen de € 800 en € 1.500 per maand, afhankelijk van de leeftijd en je persoonlijke situatie. Dat komt neer op ruwweg € 10.000 tot € 18.000 per jaar. Over de hele jeugd tot 18 jaar telt dat op tot een bedrag van honderdduizenden euro’s. Het Nibud volgt de kosten van kinderen al jaren en maakt duidelijk dat de uitgaven sterk wisselen per levensfase.
Ter vergelijking: in 2026 ligt het gemiddelde bruto modale inkomen in Nederland naar schatting rond de € 58.000 per jaar, oftewel netto zo’n € 36.500 per jaar. Een kind kost daarmee al snel een kwart tot een derde van het netto gezinsinkomen. Dat maakt het de moeite waard om goed te weten waar dat geld naartoe gaat.
Kosten per leeftijdsfase
De kosten van een kind zijn niet elk jaar hetzelfde. Babies zijn relatief duur door de eenmalige aanschaf van spullen, maar peuters en kleuters kosten minder dan tieners. Zodra kinderen naar de middelbare school gaan, schieten de kosten omhoog door abonnementen, kleding, zakgeld en soms een eigen telefoon of scooter.
| Leeftijdsfase | Geschatte kosten per maand (2026) | Geschatte kosten per jaar (2026) |
|---|---|---|
| Baby (0 tot 1 jaar) | € 900 tot € 1.400 | € 10.800 tot € 16.800 |
| Peuter/kleuter (2 tot 4 jaar) | € 700 tot € 1.100 | € 8.400 tot € 13.200 |
| Basisschool (5 tot 12 jaar) | € 800 tot € 1.200 | € 9.600 tot € 14.400 |
| Middelbare school (13 tot 18 jaar) | € 1.000 tot € 1.500 | € 12.000 tot € 18.000 |
Deze bedragen zijn schattingen voor 2026 op basis van algemeen bekende referentiepunten. Ze gelden voor een gemiddeld gezin in Nederland. Woon je in een dure stad of kies je voor een privéschool, dan liggen de kosten hoger.
Waar gaat het geld naartoe?
De grootste kostenposten zijn kinderopvang, onderwijs, voeding, kleding en wonen. Kinderopvang spant de kroon bij jonge kinderen. De dagopvang kan al snel € 1.000 tot € 1.500 per maand kosten voor een voltijdsplek. Je krijgt een deel vergoed via de kinderopvangtoeslag, maar het eigen aandeel blijft een flinke uitgave.
Voeding is een post die langzaam maar zeker groeit. Een tiener eet veel meer dan een kleuter. Kleding speelt ook mee: kinderen groeien snel, merken worden belangrijker naarmate ze ouder worden, en sportkleding, schooltassen en schoenen verdwijnen sneller dan je denkt. Reken bij tieners op een paar honderd euro per jaar puur aan kleding en schoenen.
Wonen is een indirecte kostenpost die ouders vaak vergeten. Een extra kamer, meer energieverbruik, grotere auto: die keuzes kost je geld dat je zonder kinderen niet had gemaakt.
Eenmalige kosten die het beeld vertekenen
Naast de vaste maandelijkse uitgaven zijn er grote eenmalige kosten die je totaalplaatje flink kunnen opblazen. Denk aan:
- Babyuitzet en kinderwagen: naar schatting € 2.000 tot € 5.000 voor een startende baby
- Fiets met zijwieltjes, daarna een grotere fiets, dan een e-bike voor de middelbare school
- Smartphone en laptop voor school
- Rijlessen en rijbewijs rond het 17e of 18e jaar
- Schoolreizen en buitenlandse uitwisselingen
Deze uitgaven komen niet elke maand, maar ze zijn niet te vermijden. Als je ze meeneemt in je jaargemiddelde, stijgen de kosten per jaar gemakkelijk met € 500 tot € 1.000 extra, afhankelijk van de levensfase.
Wat ontvang je terug van de overheid?
Gelukkig staat de overheid niet met lege handen. Er zijn meerdere tegemoetkomingen die de kosten van een kind per jaar drukken:
- Kinderbijslag: een vast bedrag per kwartaal van de Sociale Verzekeringsbank (SVB), afhankelijk van de leeftijd van je kind
- Kindgebonden budget: een inkomensafhankelijke toeslag via de Belastingdienst, bedoeld voor gezinnen met een lager of modaal inkomen
- Kinderopvangtoeslag: een vergoeding voor een deel van de opvangkosten
Hoe hoog deze bijdragen precies zijn, hangt af van je inkomen, het aantal kinderen en de leeftijd. Controleer de actuele bedragen op de website van de Belastingdienst of de SVB, want die worden jaarlijks aangepast.
Wat kost een kind per jaar bij een modaal inkomen?
Stel: je hebt een netto gezinsinkomen van € 36.500 per jaar (het modale inkomen in 2026 bij één werkende ouder). Je hebt één kind van 3 jaar op de dagopvang voor drie dagen per week. Na kinderopvangtoeslag en kinderbijslag houd je netto misschien € 800 tot € 1.100 per maand over aan directe kosten. Dat is bijna een derde van je nettoloon. Veel gezinnen merken dat een tweede inkomen daardoor haast noodzakelijk wordt, of dat één ouder minder gaat werken omdat de opvangkosten niet opwegen tegen het extra loon.
Bij een tiener van 15 jaar zonder opvangkosten liggen de maandelijkse kosten lager, maar zakgeld, sportcontributie, schoolspullen en kleding tellen toch snel op naar € 600 tot € 900 per maand, ook bij een modaal inkomen.
De kosten van een kind per jaar liggen dus voor de meeste gezinnen ergens tussen de € 8.000 en € 18.000, afhankelijk van leeftijd en keuzes. Tel je de overheidstegemoetkomingen mee, dan daalt het bedrag dat je écht zelf betaalt. Maar ook dan blijft een kind de grootste financiële keuze die de meeste mensen ooit maken. Weet je waar je aan begint, dan kun je er tenminste goed op plannen.



