Voor een 17-jarige ligt het gebruikelijke zakgeld tussen de 25 en 40 euro per maand. Dat zijn de richtlijnen uit het Scholierenonderzoek 2025 van het Nibud. Of je aan de lage of hoge kant van die range zit, hangt af van wat je kind zelf moet betalen van dat zakgeld en wat jullie als gezin gewend zijn.
Wat zijn de gangbare bedragen voor zakgeld op 17 jaar?
Volgens het Nibud-Scholierenonderzoek 2025 is de richtlijn voor zakgeld bij 17 jaar: 25 tot 40 euro per maand. Dit is puur zakgeld, dus los van eventueel kleedgeld. Zakgeld is bedoeld voor kleine persoonlijke uitgaven: bioscoopkaartje, een drankje met vrienden, een spelletje downloaden, of sparen voor iets groters.
Ter vergelijking: een 16-jarige krijgt volgens het Nibud minder, en een 18-jarige valt in de categorie 40 tot 50 euro per maand. Op 17 jaar zit je dus duidelijk in een tussenfase, waarbij het bedrag al een stuk hoger ligt dan bij jongere tieners.
Zakgeld of kleedgeld, of allebei?
Het Nibud maakt een duidelijk onderscheid tussen zakgeld en kleedgeld. Zakgeld is voor vrije bestedingen. Kleedgeld is een apart bedrag waarmee een tiener zelf zijn kleding betaalt. Als je kind ook kleedgeld krijgt, kan het zakgeldbedrag iets lager uitvallen, simpelweg omdat de verantwoordelijkheden anders verdeeld zijn.
Sommige ouders kiezen voor één combinatiebedrag. Dat kan goed werken voor een 17-jarige die al redelijk zelfstandig is, maar zorg dan dat je van tevoren afspreekt wat daar dan allemaal van betaald moet worden. Kleding, schoolspullen, uitjes? Zorg dat het kind weet wat de verwachting is, zodat er achteraf geen discussie ontstaat.
Wanneer kies je voor 25 euro, en wanneer voor 40 euro?
De bandbreedte van 25 tot 40 euro is niet willekeurig. Het lage bedrag (rond de 25 euro) past beter als:
- je kind ook kleedgeld ontvangt
- grote vaste kosten zoals een OV-abonnement door jou worden betaald
- het gezinsbudget krap is
Het hogere bedrag (richting 40 euro) past beter als:
- je kind meer zelf moet regelen van het zakgeld
- hij of zij actief sociaalleven heeft met regelmatige uitgaven
- je bewust wilt oefenen met een groter budget als voorbereiding op zelfstandigheid
Er is geen goed of fout, zolang het bedrag past bij wat je kind er zelf van moet bekostigen.
Is bijverdienen een reden om minder zakgeld te geven?
Veel 17-jarigen hebben een bijbaantje. Dat is prima, maar het is niet automatisch een reden om het zakgeld te verlagen. Zakgeld heeft ook een opvoedkundige functie: het leert je kind plannen, sparen en nee zeggen tegen impulsen. Als een bijbaantje het zakgeld vervangt, valt die oefening weg. Een slimme aanpak is om zakgeld gewoon door te laten lopen, en het bijverdiende geld echt als extra te beschouwen, met eventuele afspraken over sparen.
Praktisch: vaste dag, vaste manier
Kies een vaste dag in de maand waarop het zakgeld wordt overgemaakt. Een 17-jarige heeft vrijwel altijd een bankrekening, dus overmaken is makkelijker en leerrijker dan contant geven. Op die manier ziet je kind precies wanneer het geld binnenkomt, wanneer het op is, en leert hij of zij daar zelf op sturen.
Houd het bedrag ook een tijdje stabiel. Wie elke maand opnieuw moet onderhandelen, leert niks over budgetteren. Bespreek eventueel één keer per jaar of het bedrag nog past bij de leeftijd en de uitgaven.
Een 17-jarige staat aan de vooravond van veel grotere financiële zelfstandigheid. Een realistisch zakgeld, met duidelijke afspraken over wat er van betaald moet worden, is een van de beste manieren om hem of haar daar rustig op voor te bereiden.



